vrijdag 9 september 2011

Een vraaggesprek en een mening over een en hetzelfde depressieboek...



"Dit boek lijkt te getuigen van een gebrek aan kennis van hedendaagse psychiatrische en psychologische theorieën en onderzoek naar depressie. Het geeft slechts een niet erg duidelijk geschreven samentrekking van de ideeën van enkele belangrijke psychoanalytici uit de twintigste eeuw zonder ook maar een poging tot integratie in het bredere veld. Het is voor het brede publiek weinig toegankelijk geschreven en geen enkele GGZ-professional zal iets aan dit boek hebben; er is voor dit boek eigenlijk geen publiek. Ik voorspel dat het snel in de ramsj gaat, het verdient ook niet beter. Mijn exemplaar bewaar ik voor de komende winter, het gaat in de kachel."
In de boekenrubriek van het laatste Maandblad Geestelijke volksgezondheid legt de Maastrichtse psychiater Frenk Peeters uit waarom hij niet zo wild is van het boek 'Het nieuwe zwart: rouw, melancholie en depressie' van de Britse psychoanalyticus Darian Leader. In bovenstaand filmpje, een uitzending van het boekenprogramma op de VPRO, doet de auteur in kwestie zijn ideeën zelf uit de doeken. Daarin neemt Leader ons hedendaagse onafgebroken streven naar geluk op de korrel. Onze geluksjacht sluit volgens deze Brit naadloos aan bij de ééndimensionaliteit waaraan onze maatschappij ziek is: "Waarom streven we niet naar een combinatie van geluk en verdriet? Waarom willen we onze complexe aard verloochenen? Wij mensen zijn complexe, tegenstrijdige wezens. Er moet ruimte worden gemaakt om dat te erkennen.”
Het boek waarvan sprake zit bij ons in de rekken, in blijde verwachting van een geïnteresseerde lener.

Het nieuwe zwart : rouw, melancholie en depressie / D. Leader. - Amsterdam : De Bezige Bij, 2011. - 254 p.

donderdag 8 september 2011

"Ik ben geobsedeerd door het onbereikbare. Ik moet het onbereikbare elimineren."


Dit waren de op een briefje achtergelaten woorden waarmee Robert Bardo, een jongeman van negentien die al drie jaar vruchteloos probeerde in contact te komen met de Amerikaanse actrice Rebecca Schaeffer, de reden aangaf waarom hij de actrice in juni 1989 aan haar voordeur doodschoot. Op basis van deze moord werd in 1990 in de Verenigde Staten de allereerste antistalkingswet opgezet. Eind 1998 werd ook in ons land een dergelijke wet ingevoerd. Sindsdien is het aantal meldingen van en klachten wegens stalking gestaag toegenomen. De voorbije jaren schommelde dit aantal reeds rond de 25.000.
"Veel stalkers moeten in de eerste plaats psychische begeleiding krijgen," zo vertelde criminologe Anne Groenen, die doctoreerde op het onderwerp stalking, het voorbije weekend aan een De Standaard-redacteur. "Het is in dat opzicht belangrijk dat zo vroeg mogelijk kan worden ingegrepen, want veel stalkers zijn vatbaar voor het steppingstone-effect. Het begint met vervelende sms'jes of mails, maar vaak gaat het over naar achtervolgen, inbreken, vernielen, fysiek geweld en in uitzonderlijke gevallen moordpoging."
Andere vaak voorkomende motieven voor stalking zijn een obsessioneel verlangen naar een liefdesrelatie, of waanvoorstellingen over wederzijdse aantrekking. In die laatste categorie komen meer stalkende vrouwen voor. Minder frequent zijn de 'rancuneuze stalker', die wrok koestert wegens het een of ander onrecht dat hem is aangedaan, en de 'jagende stalker' die uit is op een seksueel delict. "In elk geval lijden bijna alle stalkers aan een persoonlijkheidsstoornis," aldus Groenen. "Waarvan narcisme, schizofrenie, erotomane waanvoorstellingen de vaakst voorkomende zijn."

Geïnteresseerden die zich verder wensen te verdiepen in de belangrijkste (psychologische) aspecten van het fenomeen stalking kunnen daarvoor ook in ons documentatiecentrum terecht. De voornaamste stalking-titels in ons bezit vind je hier alvast opgelijst...

Fans, stalking en geweld: de risico's van ontsporing van adoratie
Faasen, M. en Malsch, M.
Maandblad Geestelijke Volksgezondheid
Vol. 64, nr. 7/8, blz. 671-681
2009
Door middel van literatuuronderzoek en interviews met fans proberen de auteurs van dit artikel te achterhalen wat de beschermende en de risicofactoren voor stalken zijn.

Stalking: psychiatric perspectives and practical approaches
Pinals, D.A.
260 p.
2007
Stalking is een bekend begrip geworden. Heel wat landen hebben er zelfs specifieke wetgeving voor gemaakt. Dit boek brengt een overzicht van recent wetenschappelijk en klinisch onderzoek over stalking en aanwijzingen voor klinisch handelen. Verschillende vormen van stalking worden behandeld en ook de beleving door slachtoffers komt aan bod. Naast een classificatie wordt ook risicobeoordeling en -management besproken.

Geobsedeerd door je ex en aanverwante verschijnselen: preoccupaties bij stalkers
Scholing, A. en Sierksma, W.
Directieve Therapie
Vol. 25, nr. 2, blz. 218-232
2005
Stalkers lijden aan preoccupaties: ze zijn de hele dag in gedachten bezig met het doen en laten van hun slachtoffer. Er is discussie over de vraag of hun preoccupaties moeten worden opgevat als dwanggedachten of als positief beleefde fantasieën. De auteurs bespreken in dit artikel van het themanummer 'Storende preoccupaties' het categoriseren van stalkers op grond van onderliggende psychodynamiek, gedachten en gedrag. Ook de psychologische behandeling van stalkers komt aan bod.

Cyberstalking: het belagen van anderen per computer
Deth, R. van
Psychopraxis
Vol. 6, nr. 2, blz. 71-75
2004
De auteur doet een onderzoek naar hulpbronnen op het internet om mensen die gestalkt worden te helpen. Het gaat in dit artikel specifiek over 'cyberstalking' of 'online stalking'.

Stalkers: een nieuwe categorie van daders
Debruyne, S., Dillen, C. en Cosyns, P.
Panopticon
Vol. 23, nr. 1, blz. 7-21
2002
De auteurs beschrijven de eerste resultaten van een onderzoek dat moet leiden tot verdere ontwikkeling van een specifieke behandeling voor stalkers in de forensische psychiatrie.


Stalking in children and adolescents: the primitive bond
McCann, J.T.
298 p.
2001
Er zijn steeds meer aanwijzingen dat stalking ook bij kinderen en jongeren voorkomt. De auteur geeft een overzicht van de literatuur over dit thema. Vanuit een psychodynamische visie wordt stalking benaderd met bijzondere aandacht voor de ontwikkelingspsychologische aspecten ervan.

Stalkers and their victims
Mullen, P.E., Pathé, M. en Purcell, R.
310 p.
2000
Stalking is een steeds bekender fenomeen geworden en heeft zelfs tot specifieke wetgeving geleid. De auteurs van dit boek hebben jarenlange klinische ervaringen met stalkers én slachtoffers. Zij beschrijven de verschillende vormen van stalking en gaan in op behandeling en repressie van dit gedrag.

woensdag 31 augustus 2011

Stop depressie en zelfmoord in 7 dagen!


Deze provocerende uitroep-titel gooide psychotherapeut Bob Vansant afgelopen maandag op de boekenmarkt. In een gesprek dat Het Laatste Nieuws hierover onlangs met hem had, vertelde de auteur over de keuze van deze titel: "Die titel doet denken aan veel andere slogans, meestal nonsens, zoals 'Verlies vijf kilo in tien dagen!' of 'Plat buikje zonder dieet!'. Maar dat is de bedoeling.(...) Soms moet je gewoon stoppen met zagen en met memmen - dat soort woorden gebruik ik ook tegen mijn cliënten - en in actie schieten. Wie uit de put wil geraken, moet stoppen met graven, zo simpel is het."
De klassieke aanpak van psychotherapie bij de behandeling van depressieve cliënten liet Vansant een tijdje geleden al achter zich. Om redenen dat die niet altijd evenveel zin hebben, zette hij al die therapeutische oefeningen bij het grof huisvuil en schaarde Vansant zich achter het predicaat van de grotere effectiviteit van een duidelijke ommezwaai bij de aanpak van depressie: "Drastisch afrekenen met depressie vérgt drastische veranderingen. Net zoals we in 1 minuut tot zelfmoord kunnen beslissen, kan je je leven redelijk prompt omgooien naar de andere kant. Maar je moet wel keuzes durven maken. Vaak hoor ik mensen vragen: 'Dokter, zorg dat ik terug de oude word.' Maar de oude word je wellicht niet meer. Wel hopelijk een nieuwe. Depressie vraagt om actie - dus wend de luttele energie die je nog hebt aan om je leven te overdenken en te hertekenen. Je móet bij de fond stilstaan om iets wezenlijks te veranderen. Die klik maken, kan het verschil zijn tussen zelfmoord en leven. Tussen uit de put geraken of er blijven inzitten."
Sinds begin deze week ligt het boek 'Stop depressie en zelfmoord in 7 dagen!' bij de plaatselijke boekenboer. Op zijn Facebookprofiel geeft Vansant zelf aan dat er alleen al in 'De Standaard Boekhandel' sindsdien 688 exemplaren van zijn jongste over de toonbank zijn gegaan. In afwachting van zijn laatste kan je ondertussen in ons documentatiecentrum terecht om één van Vansants vorige titels uit te lenen. Wij hebben ze namelijk alle vier in onze collectie...

Dagboek van een psychotherapeut
Vansant, B.
214 p.
2005
Als psychotherapeut begeleidde de auteur duizenden cliënten. Tijdens deze therapeutische consultaties, die hij ont-moetingen noemt, kreeg hij heel wat leed te horen en werden hem geheimen toevertrouwd. Maar hoe ging hij zélf om met deze gesprekken die vaak over incest, kindermishandeling, verlies, agressie en zingeving gingen? Vansant hield een persoonlijk dagboek bij waarin hij zijn overpeinzingen neerschreef en probeerde de trauma's die hij te horen kreeg te verwerken.


Hoe kan ik helpen? Omgaan met de depressie van anderen: de meest gestelde vragen
Vansant, B.
191 p.
2003
Hulpboek voor de omgeving van iemand met een depressie. Ook zij hebben het vaak niet gemakkelijk met de situatie die een depressie met zich meebrengt. Zij voelen zich vaak slachtoffer of schuldig bij zoveel leed. Dit boek doet tips en suggesties van de hand om meer 'helpend aanwezig' te zijn. Met getuigenissen en interviews met familieleden van depressieve mensen.

Alleen met mezelf: de psycho-logische gids voor alleenstaanden en voor hen die zich alleen voelen
Vansant, B.
224 p.
2001
Een derde van alle huishoudens zijn alleenstaanden of eenoudergezinnen. Zij stelden psychotherapeut Vansant vele vragen - over relaties, gevoelens, ... - waarop hij samen met hen een antwoord zocht. De antwoorden werden in 600 sleutelwoorden samengebracht.

Depressie is geen ziekte: depressie als positief kruispunt in je leven
Vansant, B.
220 p.
1999
De auteur legt op kritische wijze de maatschappelijke wortels van het fenomeen depressie bloot. Hij bepleit een maatschappelijke aanpak tegenover de farmaceutische en biologische psychiatrie. Dit boek wil duidelijk maken dat mensen met een depressie niet gestoord maar wel verstoord zijn.

donderdag 25 augustus 2011

Over hooggevoeligheid, zomerkampen en onze prikkelvolle samenleving...

"Want, veel intensiever dan de gemiddelde mens. Hun zenuwstelsel is fijner afgesteld, waardoor ze zich sneller ontroerd voelen en vaak ook fysiek gevoeliger zijn. Het is zeker geen ziekte. Veeleer een karaktertrek, of een temperament. Zulke mensen hebben het in onze huidige samenleving, met zijn overvloed aan prikkels, almaar moeilijker. Wij leren deze tieners om grenzen te trekken en goed voor zichzelf te zorgen."
Aan het woord is Ilse Van den Daele, oprichtster van HSP Vlaanderen, die speciale zomerkampen inricht voor hooggevoelige kinderen en jongeren. In datzelfde dagbladartikel (De Standaard, 23/08) komt ook de dertienjarige deelneemster Liesbeth Verlaeckt even aan het woord. In een aantal treffende zinnen drukt zij de problematische omgang met haar hooggevoeligheid uit: "Ik wil alles perfect doen voor anderen, maar door mijn klunzigheid loopt het soms mis. Dan word ik snel emotioneel, wat dan weer voor ruzie zorgt. Als ik dan mensen kwets, ben ik daar echt kapot van. Dat háát ik het meest aan mezelf: dat ik niet pas in de normale wereld."
Mensen die meer willen lezen over het thema 'hoogevoeligheid' kunnen altijd bij ons terecht. Wij bezitten een aantal boeiende hooggevoeligheidstitels...

Hoe mensen lichaam zijn: hooggevoeligheid als cultuur
Lemmens, H.
250 p.
2009
Autisme en hooggevoeligheid komen aan de orde als onderdeel van een groter geheel. Volgens de auteur is de westerse cultuur in een hooggevoelige fase gekomen en bieden hooggevoeligheid en hoogbegaafdheid een impuls tot vernieuwing van onze cultuur, in de richting van een zachtere omgang met het lichamelijke. Lemmens vindt het tijd voor een nieuw denkkader waarin de ziel een plaats krijgt toebedeeld en het individu serieus wordt genomen.

Het elastiek tussen lichaam en ziel: verkenningen in het grijze gebied tussen hooggevoeligheid en autisme
Lemmens, H.
206 p.
2008
De auteur gaat uit van een ziel die het lichaam bewoont. Bij ieder mens is er een verbinding tussen lichaam en ziel die losser of vaster kan zijn. Als de ziel los met het lichaam verbonden is, is het elastiek als het ware een beetje uitgerekt. Dat is ook zo bij kinderen met autisme, maar dan in extreme mate. Autisme wordt in dit boek gezien als een extreme vorm van hooggevoeligheid.

Gids voor hooggevoeligen: strategieën voor overleven
Marletta-Hart, S.
160 p.
2006
Zolang hooggevoeligen hun eigen gevoeligheid niet onderkennen, lijden ze. Althans de auteur van dit boek. We leven in een snelle wereld van gewin en succes waarin een langzame, bedachtzame hooggevoelige zich vaak overrompeld en onder druk gezet voelt. Stress en verlies van levenskwaliteit zijn dikwijls het gevolg. Om gelukkig en gezond te blijven, zullen hooggevoeligen een levensstijl moeten kiezen die bij hen past. Deze uitgave richt haar schijnwerpers op diverse levensgebieden zoals werk, wonen, seksualiteit, kinderen en spiritualiteit.

Voluit leven met hooggevoeligheid
Marletta-Hart, S.
286 p.
2006
Praktisch werkboek over hooggevoeligheid dat stapsgewijs de overgevoeligheid wil benutten om de persoonlijke groei te bevorderen.

Overlevingsgids voor hooggevoeligen
Mesich, K.
136 p.
2005
De auteur, zelf hooggevoelig, geeft tips, adviezen, meditatieoefeningen en visualisaties voor mensen die zeer gevoelig zijn voor de prikkels uit hun omgeving.

woensdag 17 augustus 2011

Drie (geestelijke gezondheids)meningen over de vierdaagse plundertocht door Groot-Brittannië...


De Standaard liet het voorbije weekend een aantal gerenommeerde denkers de rellen in Londen diagnosticeren. Allereerst is er Theodore Dalrymple, Brits psychiater en essayist, die de schuld uitsluitend bij de roekeloze ouders van de agressieve kinderen uit de achterstandswijken legt: "De Britse jongeren voeren de westerse wereld aan in vrijwel alle aspecten van de sociale pathologie, van tienerzwangerschappen tot drugsgebruik, van dronkenschap tot geweldpleging.(...) Britse kinderen hebben veel meer kans op een televisie in hun slaapkamer dan op een vader in huis. Een derde van onze kinderen eet nooit aan tafel met een ander lid van het huishouden - het woord 'gezin' zou misplaatst zijn. Ze zijn dan ook radicaal ongesocialiseerd en diep egoïstisch."
Dalrymples collega, de Britse professor-emeritus sociale epidemiologie Richard Wilkinson , ziet dan weer de extreme ongelijkheid als voornaamste verklaring voor een groot deel van het gedrag van de herrieschoppers: "Voor The Spirit Level vertrokken we van één bepaalde economische parameter: de mate van ongelijkheid in de samenleving. De kloof tussen arm en rijk, zeg maar. Daaraan koppelden we allerhande sociale problemen: armoede, werkloosheid, verwaarlozing, gewelddelicten, verslaving, lage levensverwachting, geestesziekte, enzovoort. De resultaten waren spectaculair. Hoe ongelijker de samenleving, hoe dramatischer de mate waarin al die problemen zich voordeden."
Tenslotte is psycholoog en auteur Paul Verhaeghe allerminst verbaasd over het gedrag van de Britse jeugd. Zelf ziet hij in zijn praktijk almaar meer jongeren opduiken met ernstige sociale stoornissen: "Je hoort politici en opiniemakers nu zeggen: die jongeren hebben geen waarden en normen. Maar dat is onzin. Ze hebben gewoon net dezelfde normen en waarden als de rest van de maatschappij. En daarin is status, succes en materiële rijkdom het enige wat nog telt. Hoe je het ook verwerft. If you can't make it, take it.(...) De plunderaars houden ons een spiegel voor. De vraag is of we er echt in zullen durven kijken."

In de geest van dergelijke diagnoses kan je met onze collectie verder aan de slag, op zoek naar de juiste remedies:

The relation of emotional maltreatment to early adolescent competence: developmental processes in a prospective study
International Journal of Child Abuse and Neglect
Vol. 33, nr. 1, blz. 36-44
2009
This investigation examined developmental pathways between childhood emotional maltreatment and adaptational outcomes in early adolescence. The study utilized a developmental psychopathology perspective in adopting a multidimensional approach to the assessment of different forms of emotional maltreatment and later adjustment outcomes. Specifically, emotional abuse (i.e., verbal criticism, hostility) and emotional neglect (i.e., psychological unavailability) were compared using a process-level analytic approach to examine if and how different forms of emotional maltreatment would contribute to adolescent adjustment via aggression and social withdrawal in middle childhood.

Van kwaad naar erger: agressie bij kinderen en jongeren
Swinnen, L.
303 p.
2009
Kun je agressief gedrag voorkomen? Hoe pak je het aan? Moet je ingrijpen bij ruzies? Is overdadig geweld op tv en in computergames de grote boosdoener? Kinderpsychiater Swinnen behandelt een hele reeks aspecten rond agressie bij kinderen en jongeren en geeft er vuistregels bij voor ouders en andere opvoeders. Ze houdt ook een pleidooi om kinderen en jongeren te begeleiden en te sturen opdat kwaadheid niet erger wordt.

Opstandig, dwars en driftig: handboek gedragsstoornissen ODD en CD voor ouders, opvoeders, leerkrachten en hulpverleners
Hartog-Polkerman, C.
110 p.
2009
Kinderen met ODD (Oppositioneel Opstandige Gedragsstoornis) en CD (antisociale gedragsstoornis) zijn opstandig, dwars en driftig. Ze hebben veel moeite om hun emoties te beheersen en krijgen daardoor driftaanvallen. Het boek geeft informatie over wat de gedragsstoornissen inhouden, hoe die zich uiten en wat je er aan kunt doen. Er wordt ingegaan op de thuissituatie, opvoeding, behandeling, medicatie, onderwijs, puberteit, agressie en financiële regelingen.

Familial violence socialization in childhood and later life approval of corporal punishment: a cross-cultural perspective
American Journal of Orthopsychiatry
Vol. 76, nr. 1, blz. 23-30
2006
The use of corporal punishment has been associated with several negative outcomes for children. As a result, scholars have begun to study factors that are associated with the approval of corporal punishment. Using data from the International Dating Violence Study, the author implemented analysis of covariance and multilevel modeling analyses to determine that there were significant associations among culture, personal and group experiences of familial violence socialization, and attitudes about corporal punishment.

RET je kind: opvoeden met gezond verstand
Verhulst, J.
111 p.
2006
Een concrete uitwerking van de beginselen van de RET, de Rationeel Emotieve Theorie, toegepast op de praktijk van de opvoeding. De auteur laat met praktijkvoorbeelden zien welke irrationele ideeën aan de basis van onzekerheden kunnen liggen en hoe ze van invloed kunnen zijn op de manier waarop men een kind opvoedt. Bevat tips over het omgaan met opvoedingsproblemen: huilbaby's, lastige peuters, eetstoornissen en drugs- en drankgebruik bij jongeren, scheiding van de ouders, seksualiteit en agressie. In dit boek is tevens de RET-test opgenomen waarmee de ouder/opvoeder voor zichzelf kan nagaan waar de grootste valkuilen in de opvoeding liggen.

Community violence and urban families: experiences, effects, and directions for intervention
American Journal of Orthopsychiatry
Vol. 75, nr. 3, blz. 356-368
2005
The purpose of this study was to understand the impact of community-level stressors (particularly violence), coping strategies and resources to prevent exposure to violence or to mitigate its effects in an inner-city community.

Kinderen en gedragsproblemen: angst, agressie, depressie en ADHD. Een biopsychologisch model met richtlijnen voor diagnostiek en behandeling.
Delfos, M.F.
290 p.
2005
Dit boek bevat een uitgebreid overzicht van de verschillende stoornissen die gedurende de ontwikkeling van een kind kunnen optreden. In detail wordt ingegaan op de belangrijkste stoornissen en belemmeringen door invloeden uit de omgeving ontstaan. Wil men de verstoorde ontwikkeling van het kind echter begrijpen dan moet men ook kennis hebben van de normale ontwikkeling. Het eerste deel bevat daarom een beknopte beschrijving van de normale ontwikkeling. In het tweede deel komen onder andere de lichamelijke ontwikkeling, hersenstoornissen, psychotrauma's, seksueel misbruik, culturele factoren en de rol van de opvoeding aan bod. Het derde deel gaat in op de problematiek van de diagnostiek, de hulpverlening en het speciaal onderwijs.

woensdag 20 juli 2011

Geestelijke gezondheidsberichten uit de Vlaamse dagbladpers de afgelopen maand...

"Een eigen kamer, een tuintje, wat luxe. Dat geeft hoop, nieuwe kracht. Op den duur durven ze (de door Petry behandelde psychiatrische patiënten, n.v.d.r.) weer relaties aan te gaan en raken ze zo opnieuw geïntegreerd. Het is belangrijk dat de omgeving verandert, en niet zozeer de patiënt. Mensen kun je ook niet veranderen, tenzij je ze vergiftigt met pillen.(...) In onze benadering zijn we patiënten 'mensen' gaan noemen, en dat maakte alles meteen anders. Want bij een mens stuit je sowieso op een verleden, een levensverhaal. Een patiënt is ook veel meer dan patiënt. Hij heeft nog andere rollen: burger, zoon, broer, echtgenoot, vader. Er is geen enkele reden om ineens al die andere rollen weg te vegen. Ze geven juist aanknopingspunten voor heling"

(De Morgen, 20/07/2011, psychiater Detlef Petry over zijn meevoelende behandelmethode bij chronische patiënten in de psychiatrie.)

Detlef Petry in onze collectie:
Uitbehandeld, maar niet opgegeven : het persoonlijke verhaal van een psychiater over zijn patiënten / D. Petry. - Amsterdam : Ambo, 2011. - 207 p.
Voor zijn behandelmethode volgens het principe van 'rehabilitatie' en zijn jarenlange inspanningen voor chronische psychiatrische patiënten ontving psychiater Detlef Petry in 2001 de Ereprijs van het Nationaal Fonds Geestelijke Volksgezondheid. Na de NCRV-televisiedocumentaire 'Uitbehandeld, maar niet opgegeven' (2004) is er nu dit boek waarin Petry op persoonlijke wijze zijn behandelmethode uit de doeken doet. Die bestaat hieruit dat hij niet enkel naar de ziekteverschijnselen kijkt maar zich ook verdiept in het levensverhaal van zijn patiënten met als doel hen weer aan het leven te laten deelnemen. Een methode met succes toegepast in het Maastrichtse psychiatrisch ziekenhuis Vijverdal.


"Daarvoor moet je precieze cijfers kennen. De labeling zal waarschijnlijk wel terecht zijn, maar de behandeling komt vaak niet overeen met de ernst van het ziektebeeld. Je mag niet vergeten dat de DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, de bijbel van de psychiatrie waarin alle psychische ziektebeelden netjes in categorieën zijn onderverdeeld, n.v.d.r.) steunt op observaties van een eeuw geleden in psychiatrische ziekenhuizen. Ziekenhuistypetjes dus. Als je die ziekenhuislabels gaat gebruiken in de algemene populatie blijkt echter dat ook heel veel normale mensen aan die symptomen voldoen. Dat betekent niet dat die labels verkeerd zijn. Nee. Iemand kan best symptomen hebben van een milde depressie, alleen heeft die daarom nog geen stoornis die behandeld moet worden. Het etiket klopt, maar er is geen behoefte aan zorg. Mensen zijn nu eenmaal zenuwachtig, somber, ze horen wel eens een stemmetje. Dat is la condition humaine, dat is de prijs die we betalen voor ons brein en onze complexe maatschappij.(...) Als je behalve het label ook zou nagaan of iemand zorg nodig heeft, gaan de cijfers een stuk naar beneden. Vaak weet iemand een mild psychisch probleem bijvoorbeeld te compenseren door een ruime vriendenkring. Probleem is dat in dat continuüm van normale stemmingswisselingen naar ernstige stoornissen de grens waarop je behandelt, te dicht bij het normale is gaan aanleunen. Er wordt te snel behandeld bij veeleer milde symptomen."   

(De Morgen, 13/07/2011, de Nederlandse psychiater Jim van Os over 'overlabeling' en de permanente crisis in de psychiatrie als gevolg van de hiaten in onze kennis over de relatie tussen geest en brein.)

Jim van Os in onze collectie:  
De nieuwe psychose / J. van Os. - Utrecht : Trimbos-instituut, 2003. - 45 p. 
Op de jaarlijkse Trimbos-lezing (2003) verdedigde psychiater Jim van Os de stelling dat het begrip schizofrenie verkeerd of schadelijk is. Hij bepleitte het gebruik van het begrip 'de nieuwe psychose': psychose als een continueren van ervaringen, en niet enkel als biomedisch begrip.


"Als we dan toch met ons allen inconvenient truths zitten te debiteren. Vanaf een bepaald moment levert streven naar nog meer welvaart geen objectieve voordelen meer op. Mensen in uitzonderlijk rijke landen worden niet ouder, ze zijn niet gezonder, en ze zijn niet gelukkiger dan hun lotgenoten in landen die slechts een beetje rijk zijn. Wel zie je dat het aantal angststoornissen, burn-outs en depressies sterk gaat toenemen. Je zou toch verwachten dat dit een enorm krachtige politieke hefboom wordt? Dat dit volk eensgezind opstaat, rijk en arm tezamen, en roept: 'Zo kan het niet verder.' Depressie is geen ziekte die alleen bij armen, allochtonen of Walen voorkomt, die je dan kan culpabiliseren: 'Neem je verantwoordelijkheid, dan zou je niet in de problemen zitten.' Ik alleen al ken drie familieleden en vier vrienden die eronder hebben geleden, van wie er één nu niet meer is. En toch zie je dat depressies alleen politiek vertaald worden in termen van opvang en verzorging van zieken. Ziek worden zelf staat buiten de politieke orde."      

(De Standaard, 11/06/2011, schrijver Tom Naegels in zijn column bij het bericht dat, volgens recent sociologisch onderzoek, Belgen vandaag tweemaal zoveel kans lopen op een depressie dan veertig jaar geleden.)


"Daarom is het spijtig dat veel mensen in de externe wereld leven. Gebeurt er iets, dan zoeken ze al snel een verklaring in de buitenwereld. Bijvoorbeeld: ik voel me niet goed en dat heeft te maken met wat er op mijn werk gebeurt. Nu hebben we ook nog de virtuele wereld: computers, games. Het is kenmerkend voor onze tijdgeest dat velen het contact met hun innerlijke wereld verliezen. Terwijl er ook in jezelf een burgeroorlog kan woeden die een bron van lijden is."

(De Morgen, 03/06/2011, psychiater-psychoanalyticus Marc Hebbrecht over de droom als foto van hoe onze innerlijke wereld eraan toe is.)

Marc Hebbrecht in onze collectie:
De droom : verkenning van een grensgebied / M. Hebbrecht. - Utrecht : De Tijdstroom, 2010. - 207 p.
De auteur beschrijft hoe het dromen verloopt bij depressies, bij verslaving aan alcohol of drugs en het afkicken daarvan, bij bepaalde ziektebeelden en bij het gebruik van medicijnen. In het boek wordt de droom benaderd vanuit historisch, cultureel, neurowetenschappelijk, psychoanalytisch en psychiatrisch perspectief.

vrijdag 1 juli 2011

Profiel van een steeds groeiende groep cgg-gebruikers...

Tussen de vele korte berichten in het juninummer van Zorgwijzer, het papieren magazine van Zorgnet Vlaanderen, viel ook wat geestelijk gezondheidsnieuws te rapen. In een kort bericht getiteld 'Meer mensen krijgen hulp in centra geestelijke gezondheidszorg' stond onder meer het volgende te lezen: 
"In 2010 kregen 52.730 mensen hulp in een centrum voor geestelijke gezondheidszorg (cgg). Dat is iets meer dan in 2009 (toen nog 51.375) en het derde jaar op rij dat het aantal cliënten stijgt. Dat blijkt uit de nieuwe cijfers die het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid bekendmaakte over de cgg’s in 2010.
De meeste cliënten van een cgg zijn tussen de 18 en de 59 jaar (67%), het aandeel zestigplussers blijft beperkt (8%). Bij mannen komen problemen met verslavingen op de 2de plaats, vrouwen hebben daarentegen meer te kampen met interactieproblemen en verwerkingsproblemen. Bij de groep jongens tot 17 jaar zijn gedragsstoornissen de vaakst voorkomende reden om naar een cgg te gaan. Meer dan 1 op de 4 jongeren (27 %) wordt naar het cgg doorverwezen vanuit het onderwijs.
Hoewel de wachttijd tot het eerste intakegesprek meestal meevalt, blijft de bereikbaarheid en de toegankelijkheid van de centra een belangrijk aandachtspunt. 65% van de cliënten heeft in 2010 minder dan 1 maand moeten wachten op een eerste gesprek. In 2009 was dat nog 70%. Nog eens 18% moest tussen 1 en 2 maanden wachten op een intakegesprek in 2010 (in 2009: 17%)."


Ook in de collectie van ons documentatiecentrum zijn een reeks rapporten en tijdschriftartikelen gewijd aan de (werking van de) cgg's opspoorbaar, raadpleegbaar en uitleenbaar...

Indien de therapeutische vrijheid u lief is, neem dan het concept behandelplan ernstig
Tijdschrift Klinische Psychologie
Vol. 39, nr. 3, blz. 147-152
2009
Deze bijdrage munt uit door een genuanceerde en heldere zienswijze van de noodzaak van behandelplannen in de tweedelijns ggz.

Eigen-Kracht Conferenties: krachtige nieuwkomer binnen de GGZ? De burger en de professionele hulpverlener
Psyche
Vol. 21, nr. 4, blz. 8-10
2009
Bedoeling van de Eigen-Kracht Conferenties is om alle belangrijke personen rond een cliënt en zijn gezin samen te brengen om een plan uit te werken. In zo'n plan staat wat de familie zelf zal doen aan de hand van de 'eigen krachten' die ze wil inzetten en die waarvoor ze een beroep wil doen op professionele hulp. De aanpak en werking ervan in Vlaanderen komt aan bod in dit artikel.

De ambulante hulpverlening voor volwassen forensisch-psychiatrische patiënten door de centra voor geestelijke gezondheidszorg
Federatie van Diensten voor Geestelijke Gezondheidszorg, Verbond der Verzorgingsinstellingen
30 p.
2008
Deze tekst heeft als opzet om de bijdrage te omschrijven van de centra voor geestelijke gezondheidszorg in de begeleiding en behandeling van meerderjarige forensisch-psychiatrische patiënten. Door het beschrijven van een aantal zorginhoudelijke en zorgorganisatorische aspecten wordt een aanzet gegeven tot een concretisering van het aanbod van de cgg in het kader van een zorgtraject voor de doelgroep van de volwassen forensisch-psychiatrische patiënten.

De Centra Geestelijke Gezondheidszorg binnenstebuiten gekeerd: bespreking van het rapport ‘Getrapte zorg voor personen met depressie’ in de Centra Geestelijke Gezondheidszorg
Tijdschrift Klinische Psychologie
Vol. 38, nr. 4, blz. 227-234
2008
In dit artikel wordt een grondige doorlichting van de tweedelijns geestelijke gezondheidszorg in Vlaanderen aan de hand van het rapport 'Getrapte zorg' over de aanpak van depressie in de West-Vlaamse Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg beschreven.

Getrapte zorg voor personen met depressie in de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg: analyse, evaluatie en optimalisering van het zorgaanbod. Syntheseverslag juli 2007
Everaert, S., Scheerder, G., Coster, I. De en Audenhove, C. Van
47 p.
2007
De doelstelling van dit onderzoek is om het zorgaanbod voor personen met depressie te optimaliseren door de principes van getrapte zorg of stepped care in de centra voor geestelijke gezondheidszorg te introduceren.

Beschermende hulpverlening bij vermoeden van kindermishandeling in een Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg
Tijdschrift voor Orthopedagogiek, Kinderpsychiatrie en Klinische Kinderpsychologie
Vol. 31, nr. 1, blz. 2-20
2006
De auteur werkte een aantal indicatiestellingsprincipes uit om beter gedifferentieerd te kunnen interveniëren in situaties van een vermoeden van kindermishandeling vanuit de context van een centrum voor geestelijke gezondheidszorg.

Zelfmoordpreventie in een CGG-project: nieuwe website ondersteunt alle betrokkenen
Psyche
Vol. 18, nr. 3, blz. 14-16
2006
De stand van zaken van het 10 jaar geleden opgestarte project ‘Zelfmoordpreventie’ dat zich tot doel stelt zelfmoordpreventie op een professionele manier te ontwikkelen en uit te voeren vanuit de cgg wordt weergegeven. Er wordt kort stilgestaan bij de nieuwe website.

Psychiatrische instellingen, centra voor geestelijke gezondheidszorg, PVT's en de tandheelkunde
Psychiatrie en Verpleging
Vol. 78, nr. 2, blz. 99-106
2002
Dit artikel is gewijd aan de tandheelkundige problematiek bij de behandeling van patiënten uit psychiatrische klinieken en centra voor geestelijke gezondheidszorg.

Het Vlaams Decreet voor integrale kwaliteitszorg in de verzorgingsvoorziening. Rapport aan het Vlaams Parlement
Buytaert, E., Valepyn, P., Segbroek, L. Van, Dekind, H. en Janssens, P.
98 p.
2002
Rapport over de implementatie van het Vlaamse kwaliteitsdecreet voor de verzorgingsvoorzieningen tot de situatie eind 2002. In drie grote delen worden die verzorgingssectoren voorgesteld die reeds actief werken met het Vlaams kwaliteitsdecreet: de algemene ziekenhuizen, de psychiatrische ziekenhuizen en de centra geestelijke gezondheidszorg.