woensdag 31 oktober 2012

Onlangs in de media en nu al bij ons in de rekken...

De Wachter, Sacks, Derksen,... Het zijn slechts enkele namen van opmerkelijke mensen die met hun pas verschenen, steengoede boeken een aantal ggz-taboes in het uitstalraam van de publieke opinie weten te plaatsen.



"Een heel bijzonder soort hallucinaties is die welke ontstaan na de amputatie van een ledemaat. Terwijl ongeveer tien tot twintig procent van hen die blind of doof worden nadien hallucinaties krijgen, benadert dat bij amputaties de volle honderd procent.(...) Het duurde tot de jaren zeventig van de negentiende eeuw voor er een woord op de gehallucineerde ledematen werd geplakt: fantomen.(...) Omdat een fantoomledemaat bewogen kan worden, kan hij ook pijn doen. Notoir was de fantoomhand van admiraal Nelson, die een verkrampte vuist maakte waardoor zijn fantoomnagels in zijn fantoomhandpalm sneden, wat een constante pijn veroorzaakte. Pas een jaar of twintig geleden heeft men een oplossing gevonden voor dit soort pijnlijke vervormingen van fantoomledematen. Had Nelson vandaag geleefd, dan had men zijn fantoomarm in een spiegelbak gestoken, en zijn goede arm daarnaast gelegd zodat het leek alsof hij twee volwaardige armen had. De opdracht zou geweest zijn om de beide vuisten open en dicht te doen, en de fantoomvuist zou zich, mits enige oefening, ontspannen hebben. Het beste middel tegen fantoompijn blijkt dus fantoomkinesitherapie te zijn."

(De Morgen, 06/10/2012, boekrecensie n.a.v. 'Hallucinaties', de meest recente van de bekende Brits-Amerikaanse neuroloog Oliver Sacks)



"Kijk, de DSM is een interessant boek omdat het aandoeningen definieert: zo kan er in de hele westerse wereld in dezelfde taal gesproken worden. Als ik het heb over een depressie, dan weet een Italiaan of een IJslander wat ik bedoel. Dat is een voordeel. Het nadeel is dat de diagnose niet gebruikt wordt als hypothese maar als werkelijkheid, en dat zijn heel wat bruggen te ver. Dan wordt de diagnose de nieuwe identiteit: we zijn tegenwoordig onze diagnose. Terwijl een diagnose geen eindpunt kan zijn, het is een begin. Vroeger stopten we de gekken in dwangbuizen, nu reduceren we ze tot een woord.(...) Elke dag een feest? Een mens houdt dat toch niet vol? Ongelukkig zijn lijkt niet normaal, terwijl het de normaliteit zelf is. Laten we onze kinderen leren dat het leven soms vervelend is, dat het niet altijd plezant is, dat er soms mensen ziek worden of doodgaan en dat je daar dan vreselijk van mag afzien. Opvoeden is niet: problemen vermijden. Opvoeden is: problemen zien zonder die te dramatiseren. Want gewone levensproblemen worden snel gepsychologiseerd, zowel bij kinderen als volwassenen. 'U bent perfect normaal,' zeg ik dan. Waarop ze steevast vragen: 'Echt waar?' Dat is de diagnose die op het meeste ongeloof stuit."

(Humo, 16/10/2012, in gesprek met Tine Hens waarschuwt psychiater Dirk De Wachter voor het einde van de normaliteit) 



"De bijdrage van de neurobiologie aan de psychologie en psychiatrie van de laatste twintig jaar is minimaal. Het heeft nog niet geleid tot betere medicijnen in de psychiatrie. Van de werking van het geheugen en van perceptie- en zintuigfuncties kan dat neurologisch onderzoek wel de grenzen aangeven. Ook voor taalonderzoek is het interessant. Maar dat is het zowat. De verklaringskracht van hersenprocessen voor de psychologie is dan ook zeer beperkt. Je ziet enkel dat er een fysieke pendant is van een psychisch proces. Natuurlijk is dat zo! Mensen zijn nu eenmaal het product van biologische, psychische en sociale processen, die complex in elkaar haken."

(De Morgen, 29/09/2012, hoogleraar klinische psychologie Jan Derksen heeft het in 'Bevrijd de psychologie uit de greep van de hersenmythe' over de gevaren van te veel hersenwetenschap in de psychologie)

dinsdag 4 september 2012

Najaar 2012: nieuwe publicaties in ons documentatiecentrum.

Wij zaten de afgelopen zomer alvast niet stil en verwelkomden een zeventigtal nieuwe boektitels. Daarom graag even je aandacht voor een aantal van de meest in het oog springende publicaties die vanaf vandaag in ons documentatiecentrum kunnen worden ontleend...



Volgens de auteurs bieden games rust en geven ze aan jongeren met autisme het gevoel van controle in een ingewikkelde, sociale wereld. Ze raadpleegden Nederlandse en Vlaamse autismedeskundigen en enquêteerden autistische jongeren, hun ouders en begeleiders. De auteurs pleiten ervoor om ‘serious games’ in te zetten in de hulpverlening en het onderwijs en stellen vast dat veel jongeren met autisme vluchten in het gamen en zo een verslaving oplopen. Onderdeel van dit boek is de ‘Toolkit Gezond Gamen’, een opdrachtenpakket en oefeningenreeks voor jongeren met autisme om tot een betere balans tussen hun gamegedrag en andere activiteiten te komen.

Gamen en autisme: met Toolkit Gezond Gamen / H. Kisjes en E. Mijland. - Middelbeers : InnoDoks, 2011. - 159 p.



In dit doe-boek laat creatief ondernemer Karin Ramaker zien hoe je je door moeilijke periodes heen kunt slaan door doelgerichte actie. Creatieve oefeningen en praktische tips dagen de lezer uit anders naar zijn dip te kijken. Onder het motto iedereen heeft struikelmomenten maar slechts weinigen durven ervoor uit te komen, wil de auteur aantonen dat je weet dat je niet de enige bent en dat je er iets aan kunt doen.  

Opkrabbelen nadat je op je bek bent gegaan / K. Ramaker. - S.l. : Scriptum Psychologie, 2011. - 181 p.



Toen in de jaren '30 van voorgaande eeuw psychochirurgische procedures werden opgesteld om patiënten met ernstige psychiatrische stoornissen te helpen genezen, waren de resultaten ervan vaak catastrofaal en irreversibel. Hoewel neurochirurgie nog steeds te kampen heeft met haar verleden is de belangstelling voor deze discipline, dankzij de introductie van de 'stereotactische aanpak' en het succes van allerlei stimulatiemethoden, toegenomen. Dit boek belicht zowel de geschiedenis, met haar pioniers, als een actuele zienswijze op psychochirurgie.  

Cutting the mind: origins of psychosurgery / M. Arts en P. Michielsen. - Leuven/Den Haag : Acco, 2012. - 147 p.



Dit boek is ontstaan vanuit de onderwijsbehoefte aan een leidraad bij het in de praktijk brengen van opbrengstgerichte handelingsplannen bij de aanpak van leerlingen met een psychiatrische problematiek. Naast een stoornisgerichte, specifieke methodiek bevat dit kompas ook een bondige uitleg bij iedere stoornis. Hierdoor kunnen de symptomen in de klas snel worden herkend. Verder zijn er per problematiek ook richtlijnen m.b.t. het ontwikkelingsperspectief en zijn er per stoornis best practice handvatten. 

Psychiatrie in de klas: kompas bij opbrengstgerichte handelingsplannen in het onderwijs / G. Vaessen. - Antwerpen/Apeldoorn : Garant, 2012. - 220 p.



De auteur van dit boek bespreekt hoe de psychoanalyse van cruciaal belang kan zijn om de menselijke dimensie, uitgedrukt in angsten, tekorten, conflicten en fantasieën, van de huidige ecologische crisis beter te begrijpen. Bouwstenen voor deze argumentatie zijn de ecologische theorieën van de Franse filosofen Gilles Deleuze en Félix Guattari. Verder wordt plaats gemaakt voor de ecopsychologie, de vergroening van de psychotherapie, onze ambivalente verhouding tegenover de natuur en diverse milieupsychologische afweermechanismen zoals eco-angst en -verdriet.  

Psychoanalysis and ecology at the edge of chaos: complexity theory, Deleuze/Guattari and psychoanalysis for a climate in crisis / J. Dodds en M. Jordan. - London/New York : Routledge, 2011. - 238 p.



Dit boek bevat drie autobiografische opnameverslagen van mensen die op jonge leeftijd een psychose doormaakten. Ze schreven regelmatig over hun psychotische ervaringen en merken nu pas het gebrek aan belangstelling hiervoor van hun toenmalige, behandelende psychiaters. Nochtans waren deze persoonlijke verhalen voor hen van levensbelang. In een nawoord geeft psycholoog Ed Brand zijn visie vanuit het standpunt van de behandelaar. 

Tegen de tijdgeest: terugzien op een psychose / E. Tellegen, H. Mous en D. Muntjewerf. - tweede druk. - Amsterdam : Candide, 2011. - 256 p.

dinsdag 19 juni 2012

Over onze jeugd, mindfulness en psychische problemen...

In 'De Standaard' stond afgelopen weekend te lezen dat uit pas afgerond KUL-onderzoek naar het effect van mindfulness op jongeren zou blijken dat mindfulnesstrainingen hen beschermen tegen psychische problemen. Niet alleen preventief, er zou ook een genezend effect zijn bij depressieve of andere symptomen. "Het helpt ook om bestaande psychische problemen te reduceren," vertelt psycholoog Filip Raes over de resultaten van zijn onderzoek dat hij de voorbije drie jaar uitvoerde bij 400 Vlaamse leerlingen uit het middelbaar onderwijs. Over een van de mechanismen die zeker bijdragen tot het succes van het mindfulnessverhaal verklaart Raes verderop in het krantenbericht: "Op een bedrukte stemming reageren sommigen van ons meer dan anderen automatisch met negatieve gedachten. Als je daar geen aandacht voor hebt, loop je het risico dat de trein weer vertrokken is. Als je die negatieve gedachten leert observeren, kun je er leren afstand van nemen." In het licht van de nieuwe cijfers van de Vlaamse Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg, waaruit blijkt dat van de 50.000 patiënten die vorig jaar aanklopten bijna een vierde jonger was dan 17, oppert Filip Raes: "Er wordt in onze scholen hoog ingezet op lichamelijke opvoeding. Terecht. Maar misschien is het een goed idee als we in de toekomst evenveel aandacht zouden besteden aan de mentale hygiëne van onze jongeren. Mindfulness zou daar een rol bij kunnen spelen."
In onze collectie zit heel wat mindfulnessmateriaal dat kan worden ingezet bij therapie met kinderen. Een greep uit ons meest recente aanbod...



Help je kind met mindfulness angst te overwinnen: opvoeden met aandacht en acceptatie
Christopher McCurry
2010, Bohn Stafleu van Loghum (Houten), 237 p.
Met de aangereikte oefeningen en technieken uit dit boek kunnen ouders hun kinderen helpen zich minder door angst te laten leiden. In plaats van naar het vermijden van angst gaat de aandacht juist uit naar situaties die het kind bang maken. Zo kan de koter in kwestie de eigen reacties beter leren begrijpen en beheersen.



Mindfulness voor je kind: hoe je kinderen kunt helpen met stress om te gaan en gelukkiger, aardiger en socialer te zijn
Susan Kaiser Greenland
2010, Ten Have (Kampen), 238 p.
Dit boek leert hoe mindfulness kinderen beter in balans krijgt als het even tegenzit. De essentie van mindfulness, dat veel volwassenen helpt om te gaan met stress en andere ongemakken, wordt door de Amerikaanse mindfulnesscoach Susan Kaiser Greenland aan de hand van spelletjes, anekdotes en leuke oefeningen toegankelijk gemaakt voor kinderen van alle leeftijden.



Mindfulness voor je kids
David Dewulf, Berti Persoons en Veronique Benoit
2009, Lannoo (Tielt), 255 p.
Met aangepaste speelse oefeningen en een leuk verhaal introduceert dit boekje kinderen in de wereld van mindfulness. Het hoofdpersonage Pieter, een achtjarige jongen, komt tijdens zijn tegenvallers op school in contact met Pol de Trol, een mythische figuur die de jongen inwijdt in de geheimen van mindfulness. Maar al snel ontmoet Pieter Grommy, symbool voor de innerlijke criticus, die hem voortdurend doet twijfelen. Gelukkig is er Hartenlief die erin slaagt om Pieter op een liefdevolle wijze te ondersteunen.



Mindfulness voor kinderen: gids voor onderwijs, hulpverlening en ouders
Pim Catry en Jan Decuypere
2008, Acco (Leuven/Voorburg), 222 p.
Weg van vele klachten zoals depressies, stress, eetstoornissen en psychosomatische stoornissen verenigt mindfulness lichaam en geest en creëert het een helend groeiproces waarin kinderen hun eigen kwaliteiten kunnen ontwikkelen. Dit praktijkboek bevat een programma voor de begeleider, bestaande uit verschillende meditatie-oefeningen en voedende verhalen, een werkboek voor kinderen en een dvd met oefeningen.

vrijdag 1 juni 2012

Boeken over wat nieuwe technologieën met onze geest uitrichten...


In een onlangs gegeven interview met de krant De Standaard over de invloed van nieuwe digitale technologieën op ons gedrag en de gevolgen hiervan voor onze psychische gezondheid stelt de Amerikaanse psycholoog Larry Rosen onomwonden: "Het is abnormaal gedrag. Als je vroeger iemand luid tegen zichzelf pratend en heftig gesticulerend door een winkelstraat zag lopen, dan stak je de straat over om de persoon te mijden, want daar was duidelijk iets niet pluis mee. Nu doet iedereen het. Het enige verschil is dat ze met één hand een telefoon aan hun oor houden."
Diezelfde Rosen heeft het in zijn onlangs uitgegeven boek 'iDisorder: understanding our obsession with technology and overcoming its hold on us' onder meer over Facebook-depressies ("Alle anderen hebben een interessanter leven dan ik"), het compulsieve gedrag dat we vertonen als we met moderne communicatiemiddelen in de weer zijn, de invloed van de stortvloed aan impulsen op ons brein ("Wie studeert, intussen sms't en op Facebook zit, verliest tijd en concentratie, het is niet anders") en communicatiestoornissen als gevolg van de verdringing van 'lijfelijke' gesprekken door onlinecommunicatie ("Ik maak me sterk dat de verruwing van onze maatschappij daarvan deels het gevolg is. Mensen hebben geen geduld meer, gaan voor het minste met elkaar in de clinch"). Kortom, in Larry Rosens 'iDisorder' wakkert onze huidige techno-overdrive, die volgens de professor niét gek maakt, latent aanwezige psychische stoornissen aan. Een waarschuwing die kan tellen!
In ons taalgebied en in hetzelfde onderzoeksgebied verscheen onlangs 'De virtuele spiegel: waarom Facebook ons ongelukkig maakt' van de jonge Nederlandse socioloog Koen Damhuis. In afwachting van beide boeken kan je in ons documentatiecentrum alvast terecht voor...    



Virtually you: the dangerous powers of the e-personality
Elias Aboujaoude
2011, Norton (New York/London), 349 p. 

Elias Aboujaoude, die als psychiater patiënten behandelt wier levens door het internet grondig zijn veranderd, waarschuwt voor het gevaar waarop het internet ons in staat stelt om, met een 'e-persoonlijkheid', ons beter voor te doen dan we zijn. Ook onze e-mailtaal past zich aan deze nieuwe persoonlijkheid aan. Onze e-persoonlijkheidskenmerken sijpelen offline door en maken ons ongeduldig, ongeconcentreerd en opgejaagd. Op die manier wordt ons werkelijk leven geconfigureerd aan dat van het beeld dat we in chatrooms achterlaten.



Internet addiction: a handbook and guide to evaluation and treatment
Kimberly S. Young en Cristiano Nabuco de Abreu
2011, John Wiley & Sons (Hoboken), 289 p.

Dit op empirisch materiaal gebaseerde handboek definieert, beoordeelt, diagnosticeert en behandelt problematisch internetgebruik. Het bevat gevalideerde evaluatie-instrumenten die het onderscheid maken tussen dwangmatig en normaal online computergebruik en schenkt aandacht aan de meest verslavende online activiteiten. Verder komen verschillende subtypes van internetverslaving aan bod: van online pornografie en internetgokken tot gaming op het web. Daarenboven is er plaats voor verschillende evidence-based behandelingsstrategieën om cliënten van diverse leeftijden, rekening houdend met hun specifieke problematiek, tegemoet te treden.

vrijdag 18 mei 2012

Opvoeden is... voor iedereen anders!

Van 16 tot 23 mei vindt de jaarlijkse 'Week van de Opvoeding' plaats. Daarom worden in Vlaanderen en Brussel tal van activiteiten voor ouders en kinderen georganiseerd. Dat dé manier om kinderen op te voeden niet bestaat, is dit jaar de teneur. Wat werkt voor het ene kind, lukt daarom niet bij een ander. Steeds moeten ouders en opvoeders zoeken naar wat best past bij de kinderen en bij henzelf.
Ook een deel van de collectie van ons documentatiecentrum is gewijd aan opvoeden. Alleen al in onze catalogus levert het trefwoord 'opvoeding' ruim 400 tijdschriftartikel- en boektitels op. Een greep uit onze meest recente Nederlandstalige boekuitgaven...



Het verwende kind-syndroom: jongens en meisjes verwaarloosd door verwenning
Willem de Jong
2011, Pica (Huizen), 158 p.

Problematisch verwende kinderen krijgen materiële zaken of doen ervaringen op die niet bij hun leeftijd, hun interesses of hun talenten passen. Hierdoor komt de gezonde ontwikkeling van het kind in kwestie in het gedrang waardoor we kunnen spreken over een vorm van verwaarlozing. Een lage frustratietolerantie, sociaal isolement, schoolverzuim en oppositioneel gedrag zijn het gevolg. Redenen voor en vormen van problematische verwenning, alsook behandelingswijzen, worden in dit boek uitgediept.



Opvoeding in evolutie: vroegere gewoontes, actuele uitdagingen, talloze tips. Inclusief een ontwikkelingsoverzicht van kinderen
Joost Devolder
2011, Garant (Antwerpen/Apeldoorn), 219 p.

Dit boek is een brok Vlaamse opvoedingsgeschiedenis. Aan de hand van het reilen en zeilen in een Vlaamse plattelandsfamilie wordt geïllustreerd hoe we in een samenleving, waar persoonlijke vrijheid en zelfrealisatie een belangrijke rol spelen, onze kinderen kunnen begeleiden in hun groei naar zelfvertrouwen, zelfstandigheid en sociale bewogenheid. Deze uitgave bevat verder een ruim overzicht van de verschillende ontwikkelingsfasen die kinderen doormaken.



Ouders opgelet! Baanbrekende inzichten over opvoeden
Po Bronson, Ashley Merryman, Asha ten Broeke en Marianne Hoogenboom
2011, Maven Publishing (Amsterdam), 350 p.

In dit boek wordt stilgestaan bij tal van nieuwe inzichten over de psychologie van het opvoeden. Hoe dien je het best om te gaan met opstandige pubers en wat met een kind dat zichzelf moeilijk in bedwang kan houden? Is er een verband tussen slaapgebrek, overgewicht en prestaties op school en wat doe je als je kroost voortdurend loopt te bekvechten? Gebaseerd op nieuwe resultaten uit wetenschappelijk onderzoek en geschreven in vraag-antwoordvorm biedt deze uitgave inzichten in tal van opvoedingsvraagstukken.  



Nieuwe autoriteit: samen werken aan een krachtige opvoedingsstijl thuis, op school en in de samenleving
Haim Omer
2011, Hogrefe (Amsterdam), 272 p. 

Haim Omer, hoogleraar psychologie in Tel Aviv, maakt met zijn internationaal bekend werk over 'geweldloos verzet' de stap naar een algehele opvoedingsstijl, toepasbaar in de thuissituatie, op school en in de samenleving. Hij combineert structurele gezinstherapie met hechtingstheorie en maakt van het begrip 'waakzame zorg' een belangrijk element. Voorbeelden, tips en een uiteenzetting van het model zelf dienen een kader te scheppen om de greep over opstandige jongeren terug over te nemen.



Kind-, opvoedings- en gezinsdiagnostiek in FACE-perspectief
Smadar Celestin-Westreich en Leon-Patrice Celestin
2010, Acco (Leuven/Den Haag), 480 p.

Een jongere en diens gezin zijn inherent verbonden, maar hoe kan deze vaststelling coherent verrekend worden in het kinddiagnostische handelen? Vanuit een dynamisch biopsychosociaal ontwikkelingsmodel worden handvatten aangereikt om deze kennis systematisch te vertalen naar een handelingsgerichte diagnostiek met aandacht voor zowel het kindperspectief als dat van de gezinsleden. Deze evidence-based werkwijze wordt geïllustreerd met gevalsbeschrijvingen.

donderdag 15 maart 2012

Van de Veldes knetterende schedels: koele geschiedenis van een geïnterneerde...


"Op een namiddag, toen ik hem een boek terugbracht, confronteerde Gerard Brasseur mij met een zonderlinge, ondefinieerbare angst. Hij zat onbeweeglijk in zijn leunstoel en had zijn hoofd met de schreeuwendste kleuren beschilderd, als van een Kongolese krijger. De verf lag in dikke, vette strepen over zijn huid en droop in zijn mond en oren.
Ik vroeg of ik iets voor hem kon doen en hij stak grijnzend zijn tong uit, beschilderd met het hatelijkste geel dat ik ooit heb gezien.
Toen ik de volgende dag merkte dat het geweldige hangslot verdwenen was, wist ik dat Gerard Brasseur was overgebracht naar de bijzondere afdeling waar, zo beweerde de brochure van het asiel, 'ernstig zieke patiënten met toewijding verzorgd werden door een deskundig personeel'."

(uit: R. van de Velde, 'De knetterende schedels. Waarin opgenomen: De knetterende schedels & Recht op antwoord'. 2001, Nijgh & Van Ditmar (Amsterdam/Antwerpen), p. 75)


In de jaren '50 raakte Roger van de Velde (1925-1970), schrijver, journalist en leerling/vriend van Willem Elsschot, als maagpatiënt verslaafd aan pijnstillers. Palfium R-875: aanvankelijk doeltreffender dan morfine en zonder schadelijke nevenwerking. Van de Velde kon niet meer zonder zijn dagelijkse dosis Palfium. Ook toen dit fameuze pijnstillende medicijn, wegens erg verslavend, op de lijst van de verboden middelen werd gezet. Zestig pillen in plaats van de gebruikelijke vier. Geen dokter wou toen nog de verantoordelijkheid dragen voor de zwaar verslaafde Boomse reporter. Ook met drank dacht Van de Velde de pijn en angst, als gevolg van verschillende maagoperaties, te kunnen stelpen. Tijdens een alcoholcontrole in september 1961, toen de totaal benevelde schrijver aan de linkerkant van de weg reed, vond de politie vervalste doktersvoorschriften in zijn auto. Van de Velde werd gearresteerd en diende, omdat zijn advocaat de journalist een gevangenisstraf wou doen ontlopen door hem op het ogenblik van de feiten ontoerekeningsvatbaar te laten verklaren, een psychologisch onderzoek te ondergaan. Een totale afwezigheid van spontane, emotionele reflexen, zware karakterstoornissen en schizoïde introvertie declareerde deze doorlichting. Op basis van deze vaststelling werd Roger van de Velde op 20 februari 1962 geïnterneerd. Omdat hij tegen zichzelf in bescherming diende genomen te worden. Zijn verslaving aan pijnstillers werd nooit aangepakt - geïnterneerden hadden en hebben nog steeds geen recht op medische of therapeutische behandeling - en telkens de man voorwaardelijk vrijkwam, ging het onmiddellijk weer richting gevangenis of psychiatrisch centrum. Zes van zijn laatste acht levensjaren bracht Van de Velde in eenzame opsluiting door. Van Anwerpen tot Boechout en van Merksplas tot Mortsel.

In 1969, een dik jaar voor zijn tragische dood in een Antwerps café, verscheen het boek 'Knetterende schedels'. In deze getuigenis in twintig korte hoofdstukjes doet Van de Velde op afstandelijke, realistische wijze verslag vanuit enorme slaap- en leefruimtes - die iedere vorm van privacy dienden te ontnemen - en heterogeen samengestelde psychiatrische patiëntengroepen. Met in de lucht: de voortdurende dreiging van agressie, medicatie en repressie.
Kort daarop kwam het opmerkelijke pamflet 'Recht op antwoord' waarin Van de Velde de censuur hekelt die uitging van de overheid naar aanleiding van zijn boek 'Galgenaas' (1966), het verhaal over zijn periode als geïnterneerde in verschillende Belgische gevangenissen. De schrijver kreeg toen namelijk een publicatieverbod opgelegd waarbij hem zelfs zijn schrijfmachine werd ontnomen. Dit gebeurde vermoedelijk naar aanleiding van de lovende (literaire) kritieken en de uitvoerige media-aandacht die Van de Velde voor 'Galgenaas' te beurt viel. Ook de abominabele en vaak onrechtvaardige Belgische procedure tot internering wordt in de klachtenbundel 'Recht op antwoord' op rake wijze uit de doeken gedaan. In het nawoord bij de dubbele uitgave 'De knetterende schedels & Recht op antwoord' (2001) staat te lezen dat "'Recht op antwoord' ook in de 21e eeuw een actiemiddel kan zijn om de hardnekkige wantoestanden bij internering aan de kaak te stellen."

Eind mei herneemt het theatercollectief 'Olympique Dramatique' de voorstelling 'Van de Velde. J'aimerais mieux de bouche vous le dire (sic)', onlangs voor het eerst op de planken gebracht. De door Erik Vlaminck geschreven theatertekst is gebaseerd op het kleine oeuvre van deze opmerkelijke, vergeten Antwerpse schrijver. "Anno 2012 blijft de (niet-)behandeling van geïnterneerde gevangenen in België nog steeds een welvaartsstaat onwaardig," zo weet ook 'Toneelhuis' op zijn website. Mensen die het ontluisterende dubbelboek 'Knetterende schedels & Recht op antwoord' zelf willen lezen, kunnen altijd in onze bibliotheek terecht. Ook de beklijvende documentaire 'Ik zeg altijd de waarheid, maar niemand gelooft mij!' van het Gentse sociaalartistieke collectief 'Victoria Deluxe' behandelt schrijnende interneringstoestanden die, sinds Van de Veldes openbaring, nog maar weinig veranderd lijken te zijn.

dinsdag 6 maart 2012

"Neuronen schijnen zelfs in staat tot introspectie. Dus als mensen zeggen dat er meer is, denk ik: maar wat dan?"


"Volgens Keizer bestaat er een misverstand over wat stoffelijk en geestelijk is. Om zijn woorden kracht bij te zetten, hield hij glunderend een aardappel omhoog. 'Aardappels zijn stoffelijk, maar de aardappelprijs is geestelijk en die twee zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Maar de aardappelprijs is geen aardappel, hoewel die wel door aardappels wordt bepaald. Wie zegt dat geestelijke activiteit eigenlijk een kwestie is van neuronale impulsen, zegt dat sommige euro's eigenlijk aardappels zijn en dat is niet het geval. Swaab zegt dat hersenen de geest maken zoals nieren urine, maar het gaat niet om urine. Het gaat om huwelijken, kiespijn, romans, aardappelprijzen en discussieavonden zoals deze."
Wetenschapsjournalist Jorn Hövels doet in het februarinummer van 'De Psychiater' verslag van het debatsymposium 'Psychiatrie en filosofie' dat afgelopen 14 december plaatsvond in Amsterdam. Het tweede themadebat was er een over het lichaam-geestprobleem waarin Dick Swaab, emeritus hoogleraar neurobiologie aan de Amsterdamse universiteit, in duel ging met de wel bijzonder lucide filosoof-arts-columnist Bert Keizer. De eerste verdedigde de stelling dat psychiatrische stoornissen hersenziekten zijn, de tweede net het tegenovergestelde. Aanleiding van de de debatavond 'Psychiatrie en filosofie' was de publicatie van het gelijknamige boek dat sinds deze week ook in onze collectie is opgenomen.